Magister Decanaat Schoolgids
Magister Decanaat Schoolgids
Stromboli Vulkaan
Aardrijkskunde

Wat is aardrijkskunde?

Leren van het vak aardrijkskunde wil zeggen: begrijpen waarom iets op aarde zo is en dan ook nog die kennis kunnen toepassen. Verklaren van het waarom, het uitleggen van de relaties en deze begrijpen. Natuurlijk heb je daar allerhande hulpmiddelen bij nodig zoals: de methode, de Bosatlas, het Internet, DVD’s en zelfs de docent voor de nodige uitleg. Onderwerpen die o.a. aan bod komen zijn: migratie, natuurkrachten, onderontwikkeling, globalisering, klimaat, en ecologie.

Klas 1, 2 en 3

In klas 1, 2 en 3 gebruiken we de methode BuiteNLand. Deze methode bestaat uit een tekstboek en een werkboek, die samen een eenheid vormen. Telkens nadat in het tekstboek (en de instructieles) een onderwerp aan de orde is geweest, vindt in het werkboek op gevarieerde wijze de verwerking plaats. Het werkboek dient dan ook als een boek om in te oefenen. De methode is zodanig geschreven dat de leerlingen zelfstandig of in kleine groepjes aan de slag kunnen. 

De leerlingen worden op twee manieren beoordeeld. Ten eerste kennen we de gebruikelijke overhoringen, proefwerken en topografie-overhoringen. Daarnaast worden de leerlingen ook beoordeeld op het gebied van aardrijkskundige vaardigheden. Denk hierbij aan vaardigheden als causaal denken, kaartlezen, bronnen gebruiken en presenteren. Deze tweede beoordeling wordt ook meegenomen in de leerling-besprekingen.

Klas 4, 5 en 6

De bovenbouwleerlingen gebruiken de methode Wereldwijs. De werkwijze verschilt niet veel van de onderbouw. Het verschil zit vooral in het feit dat leerlingen zelfstandiger te werk gaan. Naast de instructielessen is daarom iedere week een werkcollege ingeroosterd. En de leerlingen maken ook een aantal praktische opdrachten die een verdieping van de stof vormen. In de bovenbouw is het aantal toetsen bij aardrijkskunde aanzienlijk minder; 4 schoolexamens en een aantal overhoringen per leerjaar. Bij deze schoolexamens ligt de nadruk op zowel kennis als vaardigheden.